Speech – Inhuldiging windturbinepark Gingelom

Sinds mijn aantreden als minister van Energie heb ik het voorbije jaar de eer gehad een aanzienlijk aantal windmolenparken te openen. Het gaat zelfs zover dat ik quasi wekelijks een nieuw windmolenpark in gang mocht zetten. Wie zich dan afvraagt of ik niet stilaan – soms letterlijk -dolgedraaid word van al die windmolens kan ik snel geruststellen. Dat is zeker niet het geval.

Iets waar je in gelooft moet je blijven toejuichen. Mijn geloof in windmolens en hernieuwbare energie in het algemeen komt niet van nergens.

Daarvoor moet ik terug naar een aantal jaar geleden toen ik minister van Binnenlandse Zaken was en een tsunami de kerncentrale van Fukushima overspoelde. Die kerncentrale was nochtans beschermd tegen vloedgolven van 5,7 meter hoog. Enige probleem was dat de vloedgolf wellicht ongeveer 14 meter hoog was. Dit in een land waar alles duizendmaal gecontroleerd wordt. Ik moet u er niet verder aan herinneren wat de gevolgen waren en wat de gevolgen zullen zijn voor misschien wel de komende honderd jaar.

Wat duidelijk wordt, is dat, hoe klein de kans ook is dat er iets misloopt met een kerncentrale, we nooit zeker genoeg zullen zijn om dergelijke ongelukken uit te sluiten. We moeten ons daarbij afvragen waarom we zo’n risico zouden lopen als we vaststellen dat we zoveel energie die reeds aanwezig is op deze aarde gewoon laten ontsnappen. Wind, zon, warmte, water en al de rest dat deze planeet ons te bieden heeft.

Daarom ga ik zoveel mogelijk in op elke keer dat men mij vraagt om een windmolenpark te openen. Omdat met elke windmolen die we in gang zetten, we een toekomst zonder kernenergie weer wat dichterbij brengen en weer een extra stap zetten in de richting van een volledig hernieuwbaar energiesysteem.

Dat volledig hernieuwbaar energiesysteem komt daadwerkelijk steeds dichter. Niet alleen komen er steeds meer windmolens, er komen er ook steeds grotere en betere met meer rendementen en grotere capaciteiten. Er zit duidelijk beweging in onze energiemix.

Dat stel ik niet alleen vast, maar dat is ook de Vlaming niet ontgaan. Meer Vlamingen dan ooit – zo’n 75% – gelooft in hernieuwbare energie als de energie van morgen. Evenveel procent van de huishoudens heeft geen probleem met de plaatsing van een windmolen in een straal van 5 kilometer. Meer nog, buurtbewoners willen vandaag participeren in groene stroomprojecten.

Ik denk dat de reacties toch iets anders en iets heftiger zouden zijn als we morgen een bruinkool-, steenkool- of kerncentrale in iemands achtertuin zouden bouwen. Geef toe, daar zou u zelf ook niet voor staan te springen, laat staan de investeringskost mee willen financieren.

Dat toont volgens mij een heel belangrijke tendens aan. Namelijk dat we naast de energy shift ook een mind shift krijgen. Vlaanderen en België willen niet blijven steken in technologie van de vorige eeuw. We willen vooruit.

We willen technologie die geen hypotheek legt op onze gezondheid en welzijn, en dat van onze kinderen. Propere technologie die niet de integriteit van ons leefmilieu bedreigt en komende generaties opzadelt met een niet te verwerken afvalhoop. We willen daarnaast als land en als burger controle uitoefenen over onze energieproductie.

Dames en Heren,

Het werk is evenwel nog niet af. We zullen nog aardig wat moed aan de dag moeten leggen om de balans te doen kantelen.

De manier waarop is van fundamenteel belang. Als we willen dat groene stroom de regel wordt, dan mogen we niet de fouten van het verleden herhalen. Mijn geloof in groene energie neemt niet weg dat ik als economiste de wetten van de markt maar al te goed versta. Als Vlaamse Overheid kunnen we de weg vrijmaken maar we mogen de weg niet plaveien met verkeerde engagementen. Op die manier wordt het kostbare draagvlak voor hernieuwbare energie op de proef gesteld en besmeuren we de goede naam van groene energie.

Ook op dit vlak toont deze Vlaamse Regering de moed om daarmee af te rekenen. Letterlijk dan. In 2020 zal de certificatenschuld afgebouwd zijn. We zien ook dat de minimumsteun voor bijvoorbeeld windmolens stelselmatig blijft zakken. Van 90 euro in 2010 naar minder dan 60 euro per MWh in 2016.

Vandaag ligt de markt al meer dan ooit open voor innovatieve spelers die onze energieambitie delen. Samen met hen, samen met buurtbewoners, samen met stakeholders zullen we werk moeten maken om die energieambitie te doen slagen.

U kan alleszins op mijn vastberadenheid rekenen.

Share on:

Leave a comment