Speech – Symposium Essencia

Sta me toe U eerst te danken voor de uitnodiging om hier het woord te mogen nemen.

En ik kan u alvast één ding verzekeren: dit thema – energiebesparende renovatie en nieuwbouw – ligt mij na aan het hart als minister van Energie. Dit is een bewuste beleidskeuze, die voor het eerst echt wordt gemaakt.

Ik zal van de gelegenheid gebruikmaken om kort te schetsen waar het Vlaams beleid inzake zuinig omspringen met energie op vandaag staat en waar we in de komende jaren naar streven. Hoe we omgaan met de renovatie van gebouwen vormt een belangrijke pijler.

Op het gebied van energieprestaties voor nieuwbouw, hebben we de voorbije jaren reeds grote stappen vooruit gezet

De Vlaamse energieregelgeving heeft een belangrijke impact gehad op de praktijk inzake energiezuinig bouwen in Vlaanderen

De regelgeving is sinds 2006 regelmatig en continu aangescherpt.

En de bouwpraktijk heeft die goed gevolgd.

Het gemiddelde E-peil lag steeds merkelijk lager dan de E-peileis.

Het doet me groot plezier dat er ondernemers zijn die zich niet beperken tot het louter toepassen van de regelgeving, maar zonder wettelijke verplichting nog verder willen gaan. Er zijn veel voorlopers, en het aantal blijft toenemen.

Ik ben dan ook hoopvol voor de toekomst.

We weten allemaal dat de Vlaming nog steeds droomt van ‘huisje, tuintje, boompje’, de strengere energie-eisen mogen de Vlaming hiervan niet weerhouden. De Vlaming moet blijven verbouwen en herbouwen.

Vanaf 2021 is voor nieuwbouw bijna-energieneutraliteit of BEN de norm. Gebouwen zullen worden gekenmerkt door een zeer goede energieprestatie, een lage energievraag, en een eigen energieproductie uit hernieuwbare energiebronnen.

 

Dames en heren,

Ik wil vandaag vooral vooruit kijken.

Ik heb grote verwachtingen van de samenwerking met stakeholders. De architecten, aannemers en andere bouwprofessionals spelen een cruciale rol in het bereiken van deze doelstellingen. Energiezuinigheid hoeft de creativiteit van de ontwerpen niet te beperken.

Daarom heb ik eind 2014 opdracht gegeven om een groot stakeholdersoverleg op te starten samen met de trekkers van de bouwsector. Ik hoopte op een tiental organisaties, twintig organisaties was fantastisch geweest. Het zijn er uiteindelijk 34 geworden, een onverhoopt succes.

Op die manier is het Renovatiepact van start gegaan. De centrale doelstelling van het Renovatiepact is nog steeds om het grote potentieel aan woningen te gaan aanpakken. Er zijn in Vlaanderen 2,3 miljoen woningen en bovendien nog meer dan 400 000 appartementen. Het overgrote deel van die woningen moet gerenoveerd worden om tot een aanvaardbaar energiepeil te komen.

Het voorbije half jaar is er heel hard gewerkt door alle sectorverenigingen om tot een consensus te komen. Ik heb gevraagd om alle drempels voor een energetische renovatie in kaart te brengen en na te denken over mogelijke oplossingen.

Dat is de afgelopen zes maanden gebeurd. Ik besef dat een termijn van zes maanden zeer kort is om tot een consensus te komen. Maar de intensiteit waarmee er de afgelopen maanden is gewerkt, geeft aanleiding tot een massa aan data, gegevens en standpunten die cruciaal zijn om mijn beleid te onderbouwen. Ik ga ervan uit dat de stakeholders voldoende informatie hebben om op heel korte termijn tot een besluit te komen. Ik heb er alle vertrouwen in.

Wie vandaag beperkte of ingrijpende verbouwingen doet, weet immers niet wat de doelstellingen zijn, en vraagt een lange termijnvisie. Daarom heb ik gevraagd aan de stakeholders die de intentieverklaring van het renovatiepact ondertekend hebben om na te denken over de komst van een definitie voor een bijna energieneutraal bestaand gebouw, een doelstelling qua energiezuinigheid voor een bestaand gebouw dat eventueel gerenoveerd moet worden.

Eén van mijn doelstellingen voor de komende vijf jaar is het potentieel aan energiebesparing in de renovatie van de Vlaamse woningen maximaal aan te boren.

Meer dan 58% procent van de eengezinswoningen in Vlaanderen is gebouwd voor 1970, dus voor de eerste energiecrisissen van 1974 en 1979.

Uit onderzoek van het Vlaams Energie-agentschap blijkt duidelijk dat de gemiddelde energieprestatie van het bestaande Vlaamse woningenbestand zeer slecht is.

Ook de huurmarkt is een aandachtspunt.

De woningen op de huurmarkt zijn gemiddeld van lagere kwaliteit dan de eigendomswoningen. In Vlaanderen zijn er 300 000 woningen van slechte kwaliteit, waarvan er 135 000 worden verhuurd. Huurwoningen zijn vaak slecht geïsoleerd, hebben oude ramen en een oude verwarmingsinstallatie.

Het onderzoek van het Vlaams Energieagentschap toonde in 2013 aan dat de kloof met de doelstellingen van het Energierenovatie-programma 2020 voor de bestaande woningen, ondanks de geboekte vooruitgang, nog bijzonder groot was.

Slechts 1 op de 2 woningen voldeed al aan de 3 gestelde basiseisen.

In de loop van dit jaar zal het Vlaams Energie-Agentschap opnieuw een onderzoek uitvoeren om de kloof met de doelstellingen te bepalen. Zonder bijsturing zullen de Europese doelstellingen inzake klimaat, hernieuwbare energie en energie-efficiëntie evenwel niet gehaald worden.

Ik wil zeker benadrukken dat betaalbaarheid van Bijna Energie Neutrale-gebouwen, zowel voor de bouwsector als de overheid, een voornaam aandachtspunt is, zowel voor renovatie als voor nieuwbouw.

Energiezuinig bouwen leidt altijd tot een lagere energiekost voor de bewoners, maar vereist een initiële investering. Daarom ook dat ik in overleg ben met de banksector. Bij de aankoop van de woning, en dus het afsluiten van een lening, zou rekening moeten gehouden worden met de lagere energiefactuur. Die zorgt voor een hoger maandelijks beschikbaar inkomen, wat maakt dat een iets zwaardere lening toch betaalbaar is. Een iets zwaardere lening die die energiebesparende ingrepen toch betaalbaar maakt op het moment van de aankoop. Ondertussen wordt een E-calculator ontwikkeld zodat de banken een objectieve basis hebben voor hun berekeningen.

Je ziet ook dat sommige banken echt wel meedenken. Vandaag nog stond in de krant De Tijd het nieuws dat enkele banken – Belfius en Triodos Bank – ervoor hebben gekozen om een extra duwtje in de rug te geven aan wie nu al kiest voor energiezuinig bouwen. Zo geeft Belfius over de hele looptijd van de lening een korting op het krediet voor de woning van 0,25% voor een passiefhuis.

Bij Triodos Bank hangt de korting af van het uiteindelijke energiepeil. Gaat het om een bijna-energieneutrale woning met een E-peil van hoogstens 30, dan krijg je een korting op de basisrentevoet van 0,80%. Gaat het om een lening voor een lage-energiewoning met een E-peil tussen 30 en 50, dan bedraagt de korting 0,60%. En voor een energiezuinige woning met een E-peil tussen 50 en 60, is een korting van 0,40% weggelegd.

Dat zijn goeie, en belangrijke evoluties, die ik ook ondersteun. Dit getuigt van een samenwerking, en een gelijklopende visie bij verschillende actoren in onze samenleving. Iets waar ik altijd naar streef.

Essentieel is zo bijvoorbeeld een open communicatie tussen de actoren in het bouwproces. Elkeen moet de doelstellingen kennen naar isolatie, verwarming, sanitair warm water, luchtdichtheid en ventilatie. Het BEN-niveau moet voor het bestaande woningpark worden nagestreefd tegen 2050.

Vandaag is de renovatiegraad van Vlaamse woningen te laag, daarom is het van belang om in renovatie-advies aan bestaande en nieuwe eigenaars nu al aan te geven in welke richting de energieprestatie van het bestaande gebouwenpark moet evolueren.

Om ervoor te zorgen dat het BEN-advies een veelgebruikt instrument wordt, zullen bij de uitwerking ervan de wensen en noden van de woningeigenaars centraal staan.

Op een bepaald moment zal Europa vragen om een definitie voor te stellen hoe wij de evolutie richting 2050 en verder zien. Wel, onze langetermijnvisie zal er liggen. Meer nog, Vlaanderen zal als eerste klaar zijn om invulling te geven aan de vraag van Europa. Ondertussen kunnen we inzetten op het performanter maken van de technieken en werken we aan de betaalbaarheid van energetische renovaties. Dit moet de bouwsector toelaten stap voor stap te evolueren naar betaalbare en kostenoptimale renovaties; bouwheren kunnen naar hun budget en interesse kiezen hoe ver ze gaan in de richting van energie-efficiëntie.

Ik ben van mening dat we alle beschikbare instrumenten zullen moeten aanwenden om de mensen in beweging te krijgen. En dat zullen we dan ook doen.

  • Laat me beginnen bij de premies voor Rationeel Energie Gebruik: van zodra het renovatiepact duidelijk is, zullen we de energiepremies aanpassen aan de doelstellingen. De lange termijn definitie moet duidelijkheid geven voor iedereen die zijn huis energiezuiniger wil maken. De nieuwe premies zullen hierop afgestemd zijn. Op deze manier werken we niet met een verplichting, maar stimuleren we mensen om bij energetische verbouwingswerken, zoals isolatie, onmiddellijk te kiezen voor de meest duurzame oplossing.
  • Een van de principes van de hervorming van de energiepremies zal totaalrenovatie zijn. Het heeft namelijk geen zin om bijvoorbeeld enkel je dak te isoleren wanneer er geen superisolerend glas is voorzien, of wanneer er geen enkele vorm van isolatie in de muren zit. Het heeft geen zin om de dikste winterjas te kopen, met een rits die niet werkt. Een bouwheer kan stap per stap werken, maar door na te denken over totaalrenovatie kiezen we voor een integrale aanpak en verduurzaming van onze huizen in Vlaanderen.
  • Maar we zullen nog een stap verder gaan. In Vlaanderen hebben we de gewoonte om huis per huis te renoveren. Nochtans zijn er grote schaalvoordelen om energiewerken van gelijkvormige huizen of panden tegelijk aan te pakken: wijkrenovaties. Uit eerste cijfers van projecten uit het buitenland, merken we dat een schaalaanpak (meerdere huizen ineens), leidt tot 15% kostenbesparing. Deze cijfers moeten verder worden vertaald naar een Vlaamse context.

Als we Vlaanderen versneld willen verduurzamen, dan moeten we werk maken van wijkrenovaties. Er zijn hiervoor verschillende redenen. De eerste reden voor mij is de verlaging van de energiefactuur. We kunnen de energiescore van de Vlaamse woningen met gemiddeld 75% doen dalen. Zeker voor gezinnen die het al moeilijk hebben, en die in energiearmoede leven, is een verlaagde energiefactuur een belangrijke stap vooruit.

Bovendien biedt een energiezuinige woning gewoonweg meer comfort. Er is veel minder oververhitting in de zomer en de stookkosten in de winter zijn veel lager. De ventilatie moet zorgen voor een gezond en aangenaam binnenklimaat. Alleen maar voordelen dus.

  • Ook de betaalbaarheid van energiebesparende renovatiewerken is een aandachtspunt. Daarom hebben we de Energielening in het leven geroepen. We mogen toch spreken van een groot succes. Ondertussen zijn al meer dan 2000 dergelijke energieleningen goedgekeurd. De 2000 gezinnen die hierop beroep hebben gedaan zullen vanaf nu samen jaarlijks al 1 miljoen euro besparen op hun energiefactuur. En we gaan hiermee door. Recent nog hebben we het budget voor de lening verdubbeld. En ook een aantal bijkomende zaken mogelijk gemaakt via de energieleningen: o.a. het plaatsen van zonnepanelen, maar ook de aankoop van energiezuinige huishoudtoestellen voor de zwakkere groepen.
  • Voor die Energielening kan de burger terecht in hun Energiehuis. Ondertussen is dat mogelijk voor elke burger van elke Vlaamse gemeente (behalve de faciliteitengemeenten). Het laagdrempelig karakter van die Energiehuizen is belangrijk (daarom ook dat we de naam hebben veranderd). Vaak weten mensen niet waar te beginnen. In het Energiehuis krijgt men gericht advies.
  • Als laatste gaan we ook de fiscale maatregelen in de richting van energetische renovaties hervormen. We hebben trouwens al een eerste stap gezet. De schenkingsrechten zijn drastisch vereenvoudigd en verlaagd om Vlamingen toe te laten hun onroerend goed meer te gaan schenken. We hebben een bijkomende korting voorzien voor diegene die hun onroerend goed energiezuiniger zullen maken wanneer ze het goed verwerven. Met een minimale inspanning van 10 000 euro krijg je een bijkomende korting. Alle werken waarvoor je vandaag een premie krijgt komen in aanmerking: een bewuste koppeling. We denken hierbij aan isolatiewerken van dak en muur, vervangen van glas, maar ook de plaatsing van toestellen die aanleiding geven tot de opwekking van groene warmte zoals warmtepompen, zonneboilers, … Het bedrag van 10 000 euro is niet toevallig gekozen, dat is net het bedrag van de energielening. Met andere woorden, je krijgt een serieuze korting op de heffing voor het schenken van een goed, we geven premies voor de aanschaf van energiezuinige materialen voor een verbouwing en je kan een goedkope lening krijgen. Op deze manier hopen we energetische renovaties te versnellen. En hopen we ook de kwaliteit op de huurmarkt te verbeteren, een aandachtspunt waar ik het daarnet nog over had. Wie een geschonken goed verhuurt, en een conformiteitsattest voorlegt, heeft ook recht op het laagste tarief bij schenking.

We zien trouwens ook in de statistieken dat er een versnelling van renovatie aan de gang is. Het aantal renovatiekredieten zit voor het tweede opeenvolgende jaar serieus in de lift. Vorig jaar was er een stijging met 50% van het aantal kredieten. Vorige maand alleen al was er een stijging met 60% van het aantal kredieten. Bovendien vraagt, volgens de confederatie van de Bouw, slechts 1 op 5 bouwheren een bouwvergunning aan voor energetische werken omdat de meeste werken vrijgesteld zijn van vergunningsplicht. Renovatie zit in de lift, dat is nu al duidelijk.

Het louter voorzien van doelstellingen, ondersteuning en kwaliteitsnormen door de overheid zal echter ook nog onvoldoende zijn om de noodzakelijke omwenteling te realiseren. Een actief partnerschap tussen de overheid en de bouwsector is een belangrijke randvoorwaarde om in ons opzet te slagen.

In bepaalde gevallen is de globale kwaliteit dermate slecht dat het vanuit het oogpunt van kostenefficiëntie niet meer aangewezen is om een woning grondig te renoveren.

In deze gevallen moeten we durven nadenken over het slopen van een gebouw en het opnieuw optrekken als nieuwbouw. We willen door in te zetten op renovatie een inhaalbeweging doen, maar dit mag niet ten koste gaan van nieuwbouw. Het is een EN EN verhaal.

In 32 stedelijke gebieden in ons land is het mogelijk voor bouwers om van een verlaagd BTW-tarief te genieten als ze hun woning optrekken op de plaats van een gesloopt pand. Het pand hoeft daarom geen krot die naam waardig te zijn, en het moet ook niet in een compleet verloederde buurt liggen, een zogeheten ‘stadskanker’. Wie in de steden kiest voor afbraak en heropbouw heeft dus een voordeel. En ook dat is een zeer bewuste keuze. Onze steden zullen uitbreiden, maar ook vernieuwen. En met het oog op energiebesparing is dat vaak de meest directe en efficiënte weg.

 

Dames en heren,

Ik zeg vaak dat ik als Vlaams minister de energie-bevoegdheden van de toekomst heb.

We moeten energie-efficiëntie stimuleren en hernieuwbare energie creëren.

Daarom wil ik concreet inzetten op isoleren, ventileren en luchtdichtheid en op innovatie en hernieuwbare energie.

We moeten de vele nieuwe technologieën en ideeën die aangereikt worden, volop een kans geven.

We moeten elke individuele burger ervan bewust maken dat hij of zij een grote marge heeft inzake rationeel energiegebruik.

Dat hij of zij daar een behoorlijke cent mee kan terugverdienen.

Ook al moeten we hem of haar initieel misschien met een intelligent financieringssysteem over de eerste drempel van een hogere investering helpen.

 

Ik wil dus zeker geen top-bottom aanpak in ons energieverhaal.

Zelfs Europese richtlijnen kunnen minder bewerkstelligen dan wanneer de burger zelf massaal het initiatief gaat nemen om voor zijn eigen energiezuinigheid te zorgen.

Dat is zeker een accent dat ik wil leggen in mijn beleid de komende jaren.

De impuls naar energiezuinigheid moet ook en vooral een natuurlijke reflex worden van de burgers die hun eigenbelang nastreven.

Stabiliteit en creativiteit zijn de twee pijlers van een sterk en modern energiebeleid.

Met bedrijfszekerheid en dalend verbruik als doelstellingen.

Daar is waar ik naartoe wil.

En waarvoor ik op uw steun reken.

Ik kijk zeker uit naar een goede samenwerking de komende jaren.

En als ik hier zo rondkijk, ben ik ervan overtuigd dat het goedkomt.

Share on:

Leave a comment