Toespraak: Inhuldiging fotowand WOII in Mol

Mijnheer de burgemeester,

Mijnheer de Volksvertegenwoordiger,

Mijnheer en Mevrouw de Schepenen,

Dames en Heren,

Ik wil het bestuur van Mol bedanken voor de uitnodiging om aanwezig te zijn bij de officiële inhuldiging van de fotowand op het pleintje van de Martelarenstraat.

Het is lovenswaardig dat een gemeentebestuur, en zeker schepen van erfgoed Rit Kerstens zich met deze en andere initiatieven zo sterk inzet voor het in herinnering brengen van de Tweede Wereldoorlog in jullie gemeente.

De Tweede Wereldoorlog vormt onmiskenbaar één van de donkerste pagina’s uit onze recente geschiedenis. Nooit eerder was oorlog zo bruut en alomvattend: nooit eerder werden massaal en gericht zoveel burgerslachtoffers gemaakt, nooit eerder kregen we te maken met regimes die de eigen burgerbevolking systematisch en op industriële schaal uitmoordden, nooit eerder werden kernwapens gebruikt. De trieste balans is dan ook onbevattelijk: 50-70 miljoen mensen zouden gedood zijn. De grote meerderheid van hen waren burgers…

De oorlog en de bezetting hebben ook in ons land een zware tol geëist en diepe wonden geslagen. Dit was in Mol niet anders. Zoals vele andere dorpen werd de lokale gemeenschap verscheurd door de keuze van sommigen om mee te werken met de bezetter en van anderen om verzet te plegen. Zeker toen dit naar het einde van de oorlog toe ontaardde in geweld en afrekeningen heeft de Molse gemeenschap zware klappen gekregen. Het trieste hoogtepunt waren de razzia’s in maart en juli 1944. Tientallen mensen werden opgepakt en weggevoerd. Velen kwamen nooit meer terug, en zij die terugkeerden konden de kampen nooit achter zich laten.

Een onverwerkt oorlogsverleden heeft het leven van velen blijvend getekend. De nood om terug te kijken is bij hen die het meegemaakt hebben dan ook groot. De eerste naoorlogse generaties zijn opgegroeid in families getekend door de oorlog, met verhalen van ‘zij die erbij waren’ en veel vragen over wat er gebeurd is met degenen die het niet overleefden.  Zo zijn hele generaties doordrongen van de idee van die verschrikkelijke oorlog en het besef van de gruwel die nooit meer mocht (of mag) gebeuren.

Nu de overlevers van de oorlog stilaan minder talrijk worden, zullen die verhalen ook steeds minder verteld worden. Tegelijkertijd is voor hen die het niet meemaakten de neiging om zich af te keren van een pijnlijk en gruwelijk verleden erg sterk. De wereld draait verder, we moeten vooruit kijken, enz. Het risico bestaat dat de komende generaties, steeds minder zullen (willen) weten over deze donkere episode uit onze geschiedenis.

Daarom vind ik dit initiatief ook zo belangrijk.

Het helpt mee de herinnering levend te houden, de herinnering aan de gruwel die zich heeft afgespeeld in naam van een ideologie, de herinnering aan de misdadige excessen van een dictatoriaal regime. Een criminele staat die zulke extreme omstandigheden schiep dat heel gewone mensen ertoe aanzette om misdadiger te worden.

“Wie zich het verleden niet herinnert, is gedoemd het opnieuw te beleven” luiden de woorden van Georges Santayana. Het is onze democratische en menselijke plicht dat we zorgen dat ook zij die na ons komen achterom kijken en lessen trekken. De geschiedenis moet een waarschuwing zijn voor de gevolgen van totalitarisme en extremisme.

Hier ligt een belangrijke taak weggelegd voor de overheid. Zij moet blijven investeren in herinneringseducatie en in goed onderwijs.

Op dat vlak zijn er al heel wat initiatieven ontplooid:  Flanders Fields in Ieper, het Fort van Breendonk, het Joods Museum voor Deportatie en Verzet in Mechelen en het Studie- en Documentatiecentrum Oorlog en Hedendaagse Maatschappij (SOMA) in Brussel hebben tot doel de komende generaties uit te leggen waartoe discriminatie, uitsluiting, racisme en onderdrukking kunnen leiden.

Maar het is ook belangrijk dat zo’n initiatieven op lokaal vlak ontplooid worden. Het maakt de gevolgen van een ‘groot’ historisch feit veel tastbaarder en reëler. De oorlog is ineens veel dichterbij en veel minder ver-van-mijn-bed .

Bovendien kan herinneringseducatie gestoeld op wetenschappelijk onderzoek jongeren een genuanceerder beeld geven van het verleden. Een beeld dat niet vertroebeld is door emoties of persoonlijke belangen. Een beeld van het verleden dat toont dat er tussen zwart en wit ook nog veel verschillende tinten grijs waren. Die kennis van het verleden kan jonge generaties niet alleen leren de situatie van vandaag beter te begrijpen, maar laat ook toe dat de wonden die geslagen zijn en die generaties overspannen, kunnen helen. We mogen nooit vergeten wat er gebeurd is, maar de herinnering mag geen verdeeldheid zaaien. Zij moet ons samenbrengen rond de les dat dit nooit meer mag gebeuren.

Dat kan het beste als we onze jongeren goed opleiden en van hen kritische, zelfstandig denkende volwassenen maken die weerbaar zijn voor extremisme en radicalisme.

Onderwijs alleen is echter niet voldoende. Welk nut heeft onderwijs als blijkt dat de rolmodellen in een maatschappij – ouders, politici, …- zelf niet leven naar deze lessen?

Als ik rond me kijk, mensen hoor spreken, kranten lees,… overal valt op hoe de samenleving  verhardt: hoe we spreken over andere gemeenschappen, andersdenkenden; hoe een toenemend aantal mensen zonder nuance zij die anders zijn/denken/handelen, verwijten/stigmatiseren/aanvallen en tenslotte al hun haat op groepen of individuen dreigen te projecteren..

Als ik rond me kijk stel ik vast dat de grootste bedreiging voor onze democratie misschien niet zozeer ligt in de enkelingen die radicaliseren en zichzelf buiten de maatschappij plaatsen, maar eerder in wat ik zou noemen het langzaam  vernauwend wereldbeeld van zij die onze maatschappij moeten dragen. Wie vervalt in het demoniseren van de ander, zet op een bepaald ogenblik de democratie op het spel.

Ik wil me er voor hoeden de situatie van nu te vergelijken met die van 60 jaar geleden. Dat is behalve onjuist, ook een al te gemakkelijk excuus om niet naar legitieme verzuchting van burgers te hoeven luisteren of om reële problemen onder de mat te schuiven. De geschiedenis herhaalt zich maar altijd op een andere manier, omdat we ook lessen trekken uit het verleden.

En als we één les uit de Tweede Wereldoorlog onthouden is het dat een gesloten wereldbeeld de voedingsbodem was voor collectieve waan, en dat precies dit gesloten wereldbeeld de legitimatie was voor ondenkbare misdaden.

Democratie is geen perfect systeem – het is tijdrovend, het vraagt toegevingen, het vraagt moeite – maar het is de beste manier om de samenleving te organiseren. Dankzij ons democratisch systeem leven wij in een maatschappij waar mensen vrij kunnen geloven, zeggen, denken wat ze willen. Dankzij democratie leven wij in een maatschappij waar je niet vervolgt, onderdrukt of vermoord wordt omwille van je geslacht, je huidskleur, je afkomst, je politieke overtuiging, je seksuele voorkeur of je levenswijze.

De mensen die hier bijna 60 jaar geleden gedeporteerd werden hebben meegemaakt wat het betekent als deze rechten je ontnomen worden Laten we hen niet alleen gedenken en eren met een monument en een fotowand maar ook in ons dagelijks handelen, in onze houding tegenover elkaar en de samenleving. Pas dan zal herinnering echt zinvol zijn.

Ik dank u

Share on:

Leave a comment