Turtelboom zet in op arbitrage voor Belgische en internationale ondernemingen

Wanneer bedrijven, zeker wanneer hun maatschappelijke zetel in verschillende landen gevestigd is, een geschil hebben, kunnen ze tot een bindende oplossing komen via arbitrage of buitengerechtelijke geschillenoplossing. Om ons land ook op het vlak van internationale arbitrage nog beter op de kaart te zetten, schreef Annemie Turtelboom een quasi volledig nieuw wetboek.

Bedrijven die een geschil hebben, komen vaak in een complex juridisch kluwen terecht, zeker wanneer ze hun maatschappelijke zetel in verschillende landen hebben. Om de rechtsonzekerheid van een te trage rechtspraak en al te veel economisch verlies te vermijden, zijn economische entiteiten vaker geneigd tot een oplossing te komen via bemiddeling of arbitrage.

Bij bemiddeling is de overeengekomen oplossing echter niet bindend. Daarom is het vaak beter een beroep te doen op arbitrage. De Verenigde Naties werkte in het verleden een modelkader uit opdat arbitrage op een efficiënte manier grensoverschrijdend kan gebruikt worden. Heel wat landen, onder andere Duitsland, Ierland, Spanje en Italië namen dit kader al over in hun nationale wetgeving. Nederland werkt eraan.

“België kon dus niet achterblijven,” aldus Minister van Justitie Annemie Turtelboom. “Als hoofdstad en centrum van Europa, is ons land het ideale forum om een juridisch kader aan te bieden om internationale geschillen tussen bedrijven op te lossen op een manier dat ons justitieel apparaat niet nog meer belast wordt. Bovendien geeft dit soort activiteiten een boost aan ons economisch klimaat.”

Vandaag zijn de Belgische arbiters een stuk goedkoper dan de arbiters in de ons omringende landen. “Een voordeel dat we moeten uitspelen,” aldus Turtelboom. Jaarlijks worden er op dit moment zo’n 320 à 350 zaken opgelost via arbitrage. Met de nieuwe wetgeving moet dit aantal stijgen.

Share on:

Leave a comment